Het Jojo heelalmodel

Welke vorm heeft het heelal?

Een woud
Stel dat je midden in een woud staat. Waarheen je ook maar in horizontale
richting kijkt, je ziet alleen maar bomen en struiken, dichtbij en verder weg.
Als een nieuwsgierig mens vraag je je af: "welke vorm heeft het woud?"
Vanuit die positie is het volstrekt onmogelijk om daar antwoord op te krijgen.
Je kunt een onderzoek starten.
  • Eén van de opties is naar de rand te wandelen en om het woud heen te lopen.
    Noteer zorgvuldig de bewegingen.
    Zo wordt waarschijnlijk een goed beeld verkregen van de vorm van het woud.
  • Vanuit een vliegtuig, dat hoog genoeg komt, is de vorm van het woud te zien.
    Het woud wordt in vogelvlucht gezien, dus perspectivisch vervormd.
  • Bekijk de huidige plattegrond van het betreffende gebied en de vorm is direct zichtbaar.
    Maar de projectie van een deel van een bol op een plat vlak leidt altijd to vervorming.
    De plattegrond werd gemaakt met één van de voorgaande technieken.
Een eiland
Een eilander die de zee niet kan zien en die de vorm van zijn eiland wil leren
kennen, kan op dezelfde manier te werk gaan als de onderzoeker van het woud.
In beide gevallen moet de onderzoeker buiten zijn gebied stappen.

De vorm van de aarde
Mensen aan boord van schepen zagen altijd een ander schip geleidelijk
onder de horizon verdwijnen en bij vrij uitzicht is de horizon altijd rond.
Beide suggereerden al, dat de aarde bolvormig is en niet plat.

Het idee van de bolvorm van de aarde is al erg oud.
Erathostenes uit het oude Griekenland van zo'n 23 eeuwen geleden, was,
voor zover bekend, één van de eerste mensen die de omtrek van de bolvormige
aarde berekende met een voor die tijd onvoorstelbare precisie,
namelijk met een nauwkeurigheid van ongeveer één procent.

Tijdens een gedeeltelijke maansverduistering treft de schaduw van de aarde de maan:
De rand van de schaduw is altijd een deel van een cirkel.
Dat kan alleen begrepen worden, als de aarde bolvormig is.

In de tijd van Napoleon werd de lengte van de equator gemeten.
Per definitie werd die lengte precies 40.000 km. (Intussen is deze definitie antiek.)

Het schijnt een misvatting te zijn, dat men in de Middeleeuwen zou hebben gedacht,
dat de aarde plat zou zijn. De beroemde ontdekkingsreizigers geloofden dat zeker niet.
Sinds we ruimtevluchten maken, kunnen we de aarde van een afstand bekijken en
de astonauten zien, dat de vorm een iets afgeplatte bol is, een ellipsoide.
Deze prachtige vorm bevat wat onregelmatigheden, onder andere tengevolge van
bergen en dalen in de landschappen en getijdegolven op de oceanen.

Welke vorm hebben de hemellichamen?
De zon, de planeten (zoals de aarde) en veel satellieten die eromheen draaien,
(inclusief onze maan), zijn practisch bolrond. De sterren zijn gloeiende gasbollen.
(De asteroiden vormen een uitzondering tengevolge van een botsing.)
Het heelal bevat een heleboel globulaire clusters, bolsymmetrische verzamelingen sterren.
De honderd miljard spiraalnevels kunnen als extreem afgeplatte bollen beschouwd worden.

De vraag: "welke vorm heeft het heelal?" is gemakkelijk gesteld maar moeilijk te beantwoorden.
De reden is, dat we niet buiten het heelal kunnen "stappen".
We kunnen dus evenmin de vorm bekijken.

Alles wat over de vorm van het heelal wordt gezegd, is puur speculatief.
Vermoedelijk is de vorm van het heelal bolvormig, in ieder geval toch wel bolsymmetrisch.
Dit is geen bewijs maar een redelijke veronderstelling vanwege de waargenomen bolvormen.

Een voorbeeld van een spiraalnevel

Een voorbeeld van een spiraalnevel

Hypothese over de vorm van het heelal

Het heelal is driedimensionaal en bolsymmetrisch.

Het heelal heeft
- een centrum,
- een leegte eromheen,
- daaromheen de heelalbolschil waarin alles zich afspeelt, en
- daarbuiten niets, de grote leegte.



De evolutie van het heelal

Afwisselend zet het heelal uit en krimpt het weer in.
Met de ruimte zelf gebeurt niets. Die is onveranderlijk.

De beschrijving kan op een willekeurig moment beginnen,
omdat het heelal zichzelf steeds herhaalt.
De auteur kiest ervoor om in het heden te beginnen,
een nogal willekeurig tijdstip.

De heelalcyclus vertoont de volgende fasen.

Het heelal zet uit
Gedurende miljarden jaren zet het heelal vertraagd uit t.o.v. het centrum van het heelal.
De onderlinge afstand van de hemellichamen neemt toe.
De afname van de expansiesnelheid van elke ster naar 'buiten' komt door de gravitatie,
die naar het centrum van het heelal is gericht. De kinetische energie van de expansie,
de expansie-energie, neemt af en wordt omgezet in gravitatie-energie.
Op elk moment zijn de expansiesnelheden van alle spiraalnevels van dezelfde orde van
grootte. (Daarop is de wet van Hubble gebaseerd.)
Deze fase is nu aan de gang.

De lege bol rond het midden van het heelal wordt later uitgelegd.
(Het gaat hier niet om een zwart-gat(-ster) !!!)
Versnelde expansie?
Waarschijnlijk zijn Perlmutter en zijn medewerkers misleid door het heelal zelf:
deze astronomen kregen de indruk dat het heelal recent versneld uitzet.
Deze absurde conclusie leidde tot de theorie van de donkere energie.
Niemand weet in 2016 wat dat is.
Donkere energie kan niet worden begrepen, omdat het maar loze woorden zijn.
In 2011 kreeg Perlmutter de Nobelprijs voor astronomie.

Een opmerking over die blunder
Het team vergat dat het heelal vertraagd uitzette.
De oudste fasen van het heelal vertonen dan de grootste snelheden.
Tengevolge van de eindige lichtsnelheid zijn de waarnemingen verkeerd
geïnterpreteerd. Ze zagen 'de film' achterstevoren.
Volgens de auteur is een versneld uitzetting nonsens.
De straal van het heelalbolschil is maximaal
De expansie zet door totdat de straal van het heelal zijn maximum grootte bereikt.
Buiten de heelalbolschil is de Grote Leegte. Daar is geen gewone materie en ook geen straling.
De neutralonzee breidt zich echter mogelijk onbeperkt uit. Zie later de triofysica.
Alle materie staat op het punt rechtsomkeert te maken om in de richting
van het centrum van het heelal te gaan bewegen.
De expansie-energie voor alle materie is nul en de gravitatie-energie is maximaal.

De heelalbolschil krimpt
Alle materie in de heelalbolschil gaat nu in de riching van het centrum van het heelal.
Dat duurt miljarden jaren.
De contractie komt door de gravitatie.
De krimpsnelheid van ieder deeltje neemt toe.
(De deeltjes zelf krimpen niet; de ruimte ook niet.)
De contractie-energie (kinetische energie) neemt toe, terwijl de gravitatie-energie afneemt.

Het ontstaan van de massieve centrale superster
Op zeker moment gaat alle materie van het het heelal zich ophopen rond het centrum van het heelal.
Dan is de contractie-energie maximaal.
De straal van de centrale lege bol is nul geworden.
In plaats daarvan onstaat nu de massieve, centrale superster.
In zijn binnenste nemen de druk en dichtheid dramatisch toe.
De contractie-energie en gravitatie-energie worden omgezet in veerenergie,
omdat alle materie elkaar samenperst.
De snelheid van alle materie neemt razendsnel af.

Minimale straal
Dan komt het moment dat alle materie van het heelal optimaal is samengeperst
in de ontstane massieve, centrale superster.
Alle moleculen en atomen vormen nu samen de grootste klont orions ooit.
(Orions zijn de elementaire deeltjes uit de triofysica.)
De maximale dichtheid is een beetje meer dan de dichtheid in ionkernen.
De orions kunnen de sterkste druk weerstaan, omdat ze geen structuur hebben.
Dat is althans verondersteld. Er onstaat dan geen singulariteit.
De veerenergie bereikt de grootste waarde,
terwijl de totale kinetische energie in het heelal nul is geworden.
De gravitatie-energie en de straal van het heelal zijn nu minimaal,
terwijl de ontstane zwart-gat-ster de grootste straal ooit heeft.

De ontspanning
Nu volgt de ontspanning van alle samengebalde massa en energie als de meest
heftige explosie ooit. (Het doet denken aan de big bang die nooit heeft bestaan.)
De veerenergie gaat zich omzetten in kinetische energie,
dus expansie-energie, maar ook in gravitatie-energie.

De lege, centrale bol komt tevoorschijn en gaat groeien.
Zodra alle deeltjes los van elkaar gekomen zijn, wordt de veerenergie nul,
Achter de weggeschoten materie onstaat een leegte:
de lege, centrale bol komt weer tevoorschijn en gaat groeien.
Alle deeltjes zijn met vrijwel dezelfde snelheid weggeschoten, de ruimte in.

De volgende fase is dezelfde expansiefase die als eerder beschreven is.
Een nieuwe heelalcyclus begint.

Tijdens de gehele heelalcyclus verdienen de temperatuur, electrische en magnetische energie
hun aandacht. De veerenergie is de som van de electrische en magnetische energie.

Zonder uitzondering gelden de behoudswetten van massa, lading, energie, impuls,
impulsmoment, lichtsnelheid in vacuüm en aantal orions. (Zie triofysica.)

Tijdens de gehele heelalcyclus gebeurt er een heleboel met de constructie en verval
van ionkernen, ionen, moleculen, allerlei spiraalnevels, sterren en planeten,
de neutralonzee, (vooral) zorions, donkere materie; (zie triofysica),
plasma's, gassen, dampen, vloeistoffen, vaste stoffen en leven.

Tennisbal
De hele heelalcyclus doet denken aan een tennisbal
die iedere keer met een racket recht omhoog wordt geslagen:

TennisbalHeelalcyclus
omhoog door de luchtexpansie
hoogste puntmaximale straal
val door de luchtcontractie
eerste contact met de racketbegin samenklonteren en persen
bal en racket vervormen steeds meerde centrale superster groeit
maximale vervorming; omkeerpuntmaximale druk; minimale straal; omkeerpunt
veerkracht versnelt de balveerkracht versnelt alle materie naar buiten
bal komt los van de racketalle deeltjes los van elkaar
achter de bal steeds meer luchtlege centrale bol die groeit
herhalingherhaling


Begin en eind postulaat
Het heelal heeft altijd bestaan en zal dat altijd blijven;
Er is geen begaan aan noch een einde.
De hele cyclus wordt eindeloos op dezelfde manier herhaald.
Het beschreven proces is een energie-neutrale, eeuwigdurende beweging.
De auteur beschouwt dit scenario as het meest waarschijnlijke.

Zou er een begin en / of eind zijn, dan ontstaan er twee hopeloze problemen:
wat gebeurde voor het begin en wat zal er na het eind plaatsvinden?
Misschien is er toch een Schepper!

Astronomie
Wetenschappen