De Wetten, die Mozes aan het Joodse volk moest doorgeven,
kun je op verschillende manieren in groepen verdelen:
A1 De geschreven Wetten
A2 en de mondelinge Wetten.
B1 De Wetten, die samenhangen met de verering van G'D.
B2 en de Wetten, die alle relaties tussen mensen onderling regelen.
C1 De Wetten, die iedereen kan toepassen en
C2 de Wetten, die speciaal bedoeld zijn voor de tempeldiensten,
uit te voeren door de Levieten van de priesterstam.
D1 De Wetten, die het Christendom heeft overgenomen.
D2 De Wetten, die in het Christendom principieel zijn gewijzigd.
D3 De Wetten, die de Islam heeft overgenomen.
D4 De Wetten, die in de Islam principieel zijn gewijzigd.
D5 De Wetten, die het Nederlandse en Europese Recht heeft overgenomen.
D6 De Wetten, die in het Nederlandse en Europese Recht principieel zijn gewijzigd.
D7 De Wetten, die Nederland heeft overgenomen als algemene fatsoensnormen.
D8 De Wetten, die Nederland in gewijzigde vorm heeft overgenomen als algemene fatsoensnormen.
D9 De specifiek Joodse regels
E De Wetten logisch geordend naar onderwerp.
De Joodse geleerden, rabbijnen, spreken meestal over "ge- en verboden".
Zij noemen bijvoorbeeld "Je zult niet doden" een verbod.
Naar mijn smaak is dit een gebod. Maar dat is slechts een taalkundig probleem.